Skip to main content

Deze blog is niet om in verwarring te raken

Als je weet dat Feltsensing (zo noemen we Focusing in de PE-Community voor Feltsensing) voor jou goed werkt, maak je dan geen zorgen. Maar als je je afvraagt: ‘Is dit wat ik aan ’t doen ben nou wel echt Feltsensing?’ En/of: ‘Ben ik wel goed bezig met Feltsensing, doe ik het wel op de juiste manier en is het effect wel zo zoals het zou kunnen zijn?’ Dan is dit artikel een goede manier om daar over door te denken. De vraag is dus: Wat maakt Feltsensing tot Feltsensing?

Toepassen van de vaardigheden

Feltsensing is het toepassen van vaardigheden om datgene te benaderen wat er psychisch en spiritueel in je omgaat en om aandacht vraagt. En het is het met aandacht aftasten van felt sense die hierbij ontstaat. Deze felt sense heeft z’n eigen standpunt met woorden, beelden, lijfgevoel, emoties en herinneringen. 

Het zijn niet een bepaalde serie stappen 

Ik heb zelf Feltsensing geleerd in 1978 aan de hand van het boek Focusing van Eugene Gendlin met daarin de 6 stappen: ruimte maken, Felt sense vinden, handvat erbij zoeken, resoneren, innerlijke vragen stellen en ontvangen. Maar degene die mij begeleidde hield zich er gelukkig niet aan. Hij hanteerde een veel natuurlijker manier van Feltsensing. Eugene Gendlin heeft trouwens zelf altijd gezegd dat de ‘zes stappen’ niet heilig verklaard moesten worden. “Ze zijn als een touw dat over een gebied loopt. Als je het gebied kent, heb je dat touw niet nodig”. De natuurlijke manier van Feltsensing start met het gronden van je aandacht in je lijf en merkt vervolgens ‘een iets’ op dat om aandacht vraagt. Daarna wordt dit ‘iets’ zorgvuldig benaderd, zodat het z’n eigen standpunt kan overbrengen naar jou.

Feltsensing

Feltsensing is een weloverwogen gebeuren waar jouw ‘observerende ik’ aandacht geeft aan een ‘iets’. Alleen of samen met de begeleider kan iemand dat ‘iets’ daar vanbinnen gezelschap houden. Wat dat ‘iets’ nodig heeft is je respectvolleaandacht. En je eventuele begeleider helpt door te luisteren jou om daar bij te blijven en er steeds bij terug te komen. Dan wordt dat ‘iets’ vanzelfsprekend. 

De innerlijke relatie, een erbij-zijn

Feltsensing draait om een bepaald soort innerlijk contact of gezelschap-houden, een innerlijke relatie. Het is eerder een erbij-zijn, bij ons gevoelstaalbesef. Dus het is niet de bedoeling dat we onze emoties ongeremd tot ons laten komen en uiten of dat we in onze emoties duiken. Je moet niet je hoofd in de soep steken om ervan te proeven. Erbij zijn is als het ware een lepel ervan nemen en de smaak of stemming met z’n innerlijk bericht tot je besef door te laten dringen.

Wat is een Gevoelstaalbesef (in het Engels ‘felt sense’)? 

Het is iets wat op het moment ontstaat als je aandacht aan iets besteedt. Het is een allesomvattend gevoel, een impliciet gevoel en meer dan lijfelijk gevoel. Het is een notie hebben van ‘dat allemaal’ met betrekking tot jezelf, anderen en je leefwereld. (In Prayerfulness heb ik er ook nog de dimensie van de Bestaansveroorzaker (God) en de externe en interne Tora aan toegevoegd. Meer daarover in een later artikel). Het is een meestal eerst een vaag lijfelijk gevoel over een ‘iets’; en dat ‘iets’ heeft z’n eigen standpunt en wil je wat duidelijk wil maken. Mijn zoon zei eens: “Ik heb hier (z’n hand ging naar z’n middenrif) zo’n hoe moet ik dat nou zeggen-gevoel.” Je tast aandachtig dit gevoel af en vindt daarbij omschrijvingen in woorden en beelden: “Het is misschien zo iets als….” En er zit ook een emotionele kant aan die ook iets duidelijk wil maken of iets wil accentueren. En: “Het laat me weten dat…”

Gene Gendlin als filosoof en psychotherapeut over het gevoelstaalbesef

Eugene Gendlin omschreef het filosofisch gezien heel treffend: “Een gevoelstaalbesef is de holistische, impliciete lijfelijke notie van een complexe situatie. (…) Een gevoelstaalbesef omvat een labyrint van betekenissen, een heel weefsel van facetten, een Perzisch tapijt aan patronen – meer dan iemand kan zeggen of denken. Ondanks zijn ingewikkeldheid heeft het gevoelstaalbesef een brandpunt, een enkele specifieke behoefte, richting of kern. (… )Uit het geheel van dit alles kan er één enkel ding, één verklaring of één volgende stap voortkomen.”  (Focusing-Oriented Psychotherapy, blz 58).

Als we dit citaat als toetssteen nemen, hebben we datgene te pakken wat volgens mij het hart van feltsensing is. Feltsensing is een soort benieuwd, onderzoekend contact met een gevoelstaalbesef – een gevoelsnotie – een Ervaren gevoel – een Felt sense- hoe je het ook wil noemen. Dat onderzoekende contact gebeurt zonder oordeel, met acceptatie, met genade, met zorg, met geloof. Dat contact met dat meer dan lijfelijke gevoel zorgt ervoor dat er symbolen op kunnen komen. En die symbolen kunnen dan weer geresoneerd worden met dit gevoelstaalbesef. Dan ontwikkelt er zich een voortschrijdend proces dat jouw leven verder brengt en dat ‘iets’ op een hoger plan brengt.

Contact en gezelschap 

Ik zie vaak twee fasen in Feltsensing:

Fase één: Er is een wat onbestemd gevoel. Daar is aandacht voor door de blijk naar binnen te richten, in het lijf. Dan vind je een Felt sense, een Gevoelstaalbesef met betrekking tot dat gevoel. Je maakt de tijd om daar bij stil te staan en de Felt sense van die hele situatie uit te nodigen om z’n standpunt duidelijk te maken. Het heeft altijd te maken met ‘een iets’ in je leven. Dat is niet hetzelfde als het gevoel waar je de hele week al mee rondliep, ook al heb je dat nóg zo lijfelijk gevoeld. Een Gevoelstaalbesef komt op als iets wat als anders, als nieuw, fris of zoiets aanvoelt. Dat kan je wel bekend voorkomen, maar het is niet precies eender als wat je al eens eerder hebt gevoeld.

Fase twee: Je maakt daar verdergaand contact mee. Je vraagt wat het nodig heeft om daarmee verdergaand contact te hebben. Het besef opent zich dan. Je blijft bij zo’n iets, vriendelijk, accepterend, gelovend en benieuwd. Het is een meer dan lijfelijk gevoel. Het is meer dan de woorden die meteen opkomen. Vaak is het goed om die woorden een beetje voorbij te laten gaan, want meestal wist je deze woorden al wel vanuit eerdere ‘doorzoekingen’. Laat ze gerust voorbij gaan, want er is méér. Laat ze voorbij gaan tot het echt stil wordt. Want dan komt er meer, nieuw, met een juiste richting, met een opluchting, met nieuw gevoel, met scheppende kracht en nieuwe mogelijkheden. Dan kom je er achter dat het je iets duidelijk wil maken. Het heeft een verrassend eigen perspectief dat je nog niet eerder had opgemerkt.

Samenvattend

Wat ik Feltsensing noem, is naar binnen toe aandacht geven aan dat vage gevoel van ‘een iets’ dáár. En dit aandacht-geven is een respectvolle, niet-oordelende aandacht, die niet probeert het te veranderen, maar het alleen maar navoelt zoals het is. 

Terwijl we bij een Gevoelstaalbesef zijn, en dat gezelschap houden zonder te proberen er iets aan te veranderen, en die navoelen zoals die is, komen er symbolen op. Dat kunnen woorden zijn, beelden, taferelen, geluiden, gebaren, bewegingen van binnenuit (langzaam en vrij dansend). En dan voelen we steeds na hoe dit Gevoelstaalbesef resoneert met deze symbolen, en we merken op of ze een soort innerlijke verandering of verschuiving met zich meebrengen. Daarbij gaan we na of ze een tevreden gevoel van ‘dat klopt’ geven of een gevoel van ‘ja, zó’. Zo niet, dan blijven we door-voelen. Misschien kloppen de symbolen ten dele, maar zit er meer aan vast.

Dat is Feltsensing.

Leave a Reply